Bepaling van het type tweeling (zygositeit)

Vaak wordt gedacht dat ééneiige tweelingen als twee druppels water op elkaar lijken en dat twee-eiige tweelingen in uiterlijk verschillen, net als gewone broers en zussen dat doen. Maar dat is niet altijd waar. Eeneiige tweelingen kunnen er, ondanks hun gelijke erfelijke basis, door omgevingsfactoren toch anders uitzien. Er zijn natuurlijk altijd lichte verschillen in bijvoorbeeld grootte, gewicht en karaktertrekken. Ouders hebben vaak meer oog voor de verschillen dan voor de gelijkenissen. Ook gebeurt het nogal eens dat de ouders na de geboorte verkeerde informatie hebben gekregen over de zygositeit van hun tweeling. Uit onderzoek blijkt dat ongeveer 5 à 10% van de ouders daarover een onjuist idee heeft. Het komt vaker voor dat ouders ten onrechte denken dat hun tweeling twee-eiig is dan dat ze ten onrechte denken dat de tweeling ééneiig is.

Men kan het type tweeling niet altijd vaststellen op basis van een oppervlakkige analyse van uiterlijke verschillen en overeenkomsten. Dit moet bij voorkeur vòòr of direct na de geboorte gebeuren door de moederkoek te onderzoeken. Daaraan is namelijk ook te zien of de tweelingen zich in een vruchtzak met een gezamenlijk buitenste vlies of in twee verschillende vruchtzakken hebben ontwikkeld. Zo kan men bepalen of de eicel waaruit een ééneiige tweeling is ontstaan, zich in het begin van de zwangerschap vroeg, laat of zeer laat heeft gesplitst. Zodra de moederkoek verwijderd is, valt die informatie niet meer te achterhalen. Vóór de veertiende zwangerschapsweek (duur van de tweelingzwangerschap is gemiddeld 37 weken) kan het onderscheid tussen laat gesplitste ééneiige tweelingen - die zich ontwikkelen in een vruchtzak met een gemeenschappelijk buitenste vlies - en de vroeg gesplitste ééneiige tweelingen eenvoudig en met grote zekerheid worden vastgesteld door middel van een echografie. Op een later tijdstip in de zwangerschap wordt dit veel moeilijker en is het vaak niet meer mogelijk om te bepalen of de baby’s met hetzelfde geslacht wel of niet een gemeenschappelijke moederkoek en vruchtzak delen. In dit geval kan alleen onderzoek van de placenta na de geboorte hierover uitsluitsel geven.

1. Regels voor een correcte zygositeitsdiagnose?

De bepaling van de zygositeit bij de geboorte geschiedt hoofdzakelijk aan de hand van vier eigenschappen: het geslacht, de structuur van de placenta, de bloedgroepen en de analyse van het DNA, ons erfelijk materiaal.

Een jongen-meisje-tweeling is vanzelfsprekend twee-eiig. Ongeveer de helft van alle twee-eiige tweelingen is van ongelijk geslacht. Als uit onderzoek van de moederkoek blijkt dat de baby’s door één vlies waren omhuld (monochoriaal), dan is de tweeling sowieso ééneiig. Twee derde van alle ééneiige tweelingen is monochoriaal. Als de kinderen een gelijk geslacht hebben  én in twee verschillende vruchtzakken worden geboren of als de moederkoek bij de geboorte niet goed is onderzocht, moet een DNA-test uitsluitsel geven over het type tweeling. Zijn de genetische merkers verschillend, dan is de tweeling twee-eiig. Zijn ze gelijk, dan is de tweeling vermoedelijk ééneiig. Men kan nooit met 100% zekerheid zeggen of een tweeling tot een bepaald type behoort. Daarom berekenen onderzoekers een waarschijnlijkheidspercentage. Dat percentage geeft een indicatie van de kans dat de tweeling ééneiig is. Dus hoe meer genetische merkers met elkaar overeenkomen, hoe groter de kans dat de tweeling eeneiig is. Als bijvoorbeeld het DNA-profiel van een tweeling gelijk is, dan is die kans 99,9%. Het grote voordeel van een DNA-test schuilt in zijn eenvoud. Een wattenstaafje met wangslijmvlies van beide kinderen is genoeg om het DNA-profiel te onderzoeken. Bloed prikken hoeft dus niet meer. Wangslijmvlies afnemen is pijnloos en kan op elke leeftijd gebeuren.

2.  Waarom is het belangrijk de zygositeit te bepalen?

Het is van groot belang bij elke geboren meerling het juiste type vast te stellen. Zowel voor de kinderen zelf, maar natuurlijk ook voor hun ouders, familieleden en advies- en hulpverleners. De ‘Declaration of Rights and Statement of Needs of Twins and Higher Order Multiples’ (link) stipuleert expliciet het recht van ouders en meerlingen om hun zygositeit te kennen. Waarom is dat zo belangrijk?

1. Medisch

Van bijzonder belang is de zygositeit in geval van transplantatie van organen en de  erfelijkheid van bepaalde ziekten . Eeneiige tweelingen zijn ideale partners voor orgaantransplantaties omdat zij gelijkaardige immunologische systemen delen; dat zorgt ervoor dat er geen afstoting van het overgeplante orgaan optreedt. Als bij een van de leden van de tweeling een erfelijke aandoening wordt geconstateerd, is correcte kennis van de zygositeit een vereiste voor de prognose bij de andere tweeling; ééneiige tweelingen delen hetzelfde erfelijk materiaal.

2. Persoonlijk

Zygositeit heeft belangrijke implicaties voor tweelingen, andere meerlingen en hun families, directe omgeving, school en werk. Elk individu moet in staat zijn zichzelf te identificeren en zich te kunnen onderscheiden van zijn omgeving. Het is daarom goed om de verzorgers van tweelingkinderen op de hoogte te brengen van de zygositeit van de meerling en de gevolgen die dit  kan hebben voor het gedrag van de kinderen in kwestie. Zoals gezegd kunnen ééneiige tweelingen weliswaar genetisch gelijk zijn, maar intussen toch erg verschillen van hun tweelingbroer of -zus. Er zijn nu eenmaal een aantal karaktereigenschappen die door omgevingsfactoren worden beïnvloed. Wel is het zo dat ééneiige tweelingen meestal meer op elkaar lijken dan twee-eiige tweelingen. Die zijn namelijk genetisch niet gelijk; zij delen net als hun eventuele andere broers en zussen  evenveel erfelijk materiaal. En dus kunnen zij ook net zulke grote verschillen vertonen.

Familieleden, kennissen en leerkrachten reageren  soms  anders op tweelingen dan op andere kinderen. Ze zijn soms geneigd om de gelijkenissen tussen tweelingkinderen sterk te benadrukken en eventuele verschillen te negeren. Maar ook het omgekeerde komt voor. Soms krijgen verschillen tussen de kinderen juist extra aandacht. Beide reacties doen afbreuk aan het recht van een kind om zich te ontwikkelen tot een zelfstandig functionerend individu met eigen ideeën, interesses en vooral: een eigen toekomst.

Bijzondere aandacht verdienen de ééneiige tweelingen. Het is belangrijk de kinderen te helpen ontdekken dat ze, ondanks hun grote verbondenheid en in veel gevallen sterke gelijkenis, toch twee afzonderlijke wezens zijn. Een tweeling is niet één persoon in twee gedaanten, ze bestaat uit twee afzonderlijke personen met verschillende wensen en capaciteiten die zich geleidelijk aan verschillend zullen ontwikkelen.

3. Wetenschappelijk

Op wetenschappelijk vlak heeft de leer van de tweelingen een lange geschiedenis. Om vast te kunnen stellen in welke mate erfelijke of omgevingsfactoren een bepaalde menselijke eigenschap beïnvloeden, is het noodzakelijk vergelijkingen te maken tussen ééneiige en twee-eiige tweelingen. Daarvoor is een correcte kennis van de zygositeit een vereiste.

Verder lezen, klik op onderstaande link : 

Council of Organisation of Multiple Births (COMBO). Declaration of Rights and Statement of Needs of Twins and Higher Order Multiples.

3. Eén of twee moederkoeken?

Een veel voorkomend misverstand is dat men te maken heeft met een twee-eiige tweeling als de baby’s worden geboren met twee moederkoeken. Het type tweeling is niet direct af te leiden uit het aantal moederkoeken. Ongeveer de helft van de twee-eiige tweelingen heeft bij de geboorte op het eerste gezicht maar één moederkoek. Van de ééneiige tweelingen komt 16% met twee moederkoeken ter wereld.

Het aantal moederkoeken hangt af van de plaats van de innesteling van de embryo’s in de baarmoeder. Als de embryo’s dicht bij elkaar komen te liggen, dan vergroeien de moederkoeken met elkaar en lijkt het dus alsof het er maar één is.

Contact gegevens

Oost-Vlaams Meerlingenregister
Twins UZ-Gent
De Pintelaan 185 DPP II, ingang 75 
9000 Gent

Tel : (09)332 29 14
Mail : twins@uzgent.be

Spreek uw vraag in op het antwoordapparaat en er zal zo spoedig mogelijk met u contact opgenomen worden.